• Leestijd:4 minuten gelezen

“Een nieuwe uitdaging ligt op mij te wachten”

De zomerperiode laat zich in de salesiaanse gemeenschap nogal eens kennen als een periode waarin wijzigingen plaats vinden. Zo ook in Oostende, waar Jos Stevens in De Takel drie jaar overste was van een kleine gemeenschap. Halfweg augustus gaat hij een nieuwe uitdaging aan als directeur van de gemeenschap in Sint-Denijs-Westrem.

Het was een onverwachte vraag van de provinciaal om mijn engagement in de sector van de Jeugdhulp Don Bosco Vlaanderen en mijn aanwezigheid in De Takel te Oostende te ruilen voor de taak van gemeenschapsoverste in Don Bosco Sint-Denijs-Westrem (Gent). De overstap van een kleine, huiselijke gemeenschap met jonge, buitenlandse salesianen naar een grote gemeenschap met vooral +80 jarigen zal groot zijn, al ben ik zelf ook al de 75 gepasseerd.

Amper drie jaar woonde en werkte ik in De Takel. Toch denk ik met veel dankbaarheid terug aan die voorbije jaren. Dit uiterlijk kleine, maar intensieve, werk met en voor jongeren boeide me, bracht me weer heel concreet bij de leefwereld en de problemen van de jongeren en gezinnen, gaf me ook de gelegenheid om de leefwereld van de jongeren van vandaag en hun cultuur beter te leren kennen. Van heel nabij was ik betrokken op de professionele manier van werken aan de opvoeding en de begeleiding van een kwetsbare groep kinderen en hun context.

Ook de goede samenwerking met de parochies van Oostende, met de zustergemeenschap van de Clarissen, met de vele mensen die ik meer van nabij mocht ontmoeten of ondersteunen bij vreugde of verdriet, gaven me voldoende energie en levensvreugde om dit nog enkele jaren vol te houden. Dankbaar koester ik de voorbije jaren in De Takel, waar ik mocht leven met en tussen jongere medebroeders en jonge mensen.

Pater Jos verlaat de huidige gemeenschap: Hoan, Biju, Pedro en Stan

Mooie herinneringen

Wat me sterk getroffen heeft de voorbije jaren is hoe in De Takel heel concreet en intens met kinderen en gezinnen in armoede wordt gewerkt vanuit de visie en inspiratie van Don Bosco. Maar ook hoe dit werk verbonden is met de context en de leefwereld van die jongeren en hun gezinnen. De Takel is geen eiland. Een typisch voorbeeld hiervan was het gezellige buurtfeest ‘Fier op het Westerkwartier’, of het mee opstappen in de ‘vredeswandeling’. En vergeten we vooral niet de ‘vrijwillige inzet’ van de personeelsleden en salesianen om gedurende vijf zaterdagen tijdens de coronatijd voedsel aan huis te brengen bij tientallen gezinnen in armoede waarvan de jongeren naar het dagcentrum en het jeugdhuis komen.  

Tijdens de Opendeurdag ter gelegenheid van het dertigjarig bestaan van de Takel, voelde ik ook de interesse, betrokkenheid en waardering van heel veel mensen.

Een ander aspect van mijn verblijf in De Takel: regelmatig kon ik deelnemen aan het aanbod van geloofsverdieping vanuit de parochies. De avonden van ‘Geloven gaat verder’, ‘Leerhuis van de contemplatieve dialoog’, ‘christelijke meditatie’, ‘ontmoetingsavonden in de federatie Mariakerke’, waren voor mij verrijkende momenten van verdieping en van contact met andere volwassen geëngageerde gelovigen. Ook de maandelijkse ‘priesterconferenties’ waren fijne momenten van broederlijk samenzijn, waar we openhartig konden delen van elkaars kennis en ervaring. Het voorgaan in de zondagsvieringen in de kapel van de Clarissen, de feestelijke Don Boscovieringen en de viering van 60 jaar aanwezigheid van de zusters Clarissen in Oostende waren momenten van verbondenheid en gebed.

Leven in een kleine gemeenschap van vijf, wonend en levend in het werk en met het werk, vraagt veel soepelheid en aanpassingsvermogen. De aanwezigheid van jonge salesianen, die als missionaris naar hier komen, gaf een nieuwe dynamiek aan ons samenleven. Maar ook dit vroeg de nodige aanpassing. Daarbij kwam nog dat onze gemeenschap elk jaar een kleine of grotere wijziging onderging.

Dankbaar

Ik mag terugblikken op drie mooie en intense jaren. Het leven in Oostende had voor mij ook iets van ‘vakantie’. Regelmatig kon ik wandelen of fietsen aan de zee of in het groene hinterland. Dat gaf een rustgevend gevoel.

Ik kan me vinden in deze realistische gedachte die ik via e-mail ontving: “soms moet je accepteren dat bepaalde dingen nooit meer worden zoals ze waren”. Dat is natuurlijk zo. Mijn leven zal weer anders worden, maar ik geloof dat geluk overal te vinden is als we weten te genieten van de kleine dingen. Dank aan de vele mensen die ik de voorbije jaren in Oostende mocht leren kennen.

Jos Stevens, sdb