• Leestijd:2 minuten gelezen

In de O.L.V.-Koninginkerk kwamen op Aswoensdag heel wat vormelingen samen om stil te staan bij Aswoensdag en de 40-dagentijd.  De vormelingen konden intekenen in een tijdslot om samen te komen in kleinere groepen en dat deden ze massaal. Maar liefst 25 vormelingen tekenden enthousiast in om deel te nemen in één van de diverse ontmoetingsgroepen.

Als inleiding stonden we stil bij de betekenis van Aswoensdag en de veertigdagentijd. Daarnaast waren de drie kernwoorden : sober, solidariteit en stilte, de rode draad doorheen de wisselgesprekken. De drie kernwoorden die toch wel centraal staan doorheen deze vasten en waar wij als christenen tot worden toe uitgenodigd.

Daarna werd aan de vormelingen gevraagd om zich door het vuur van de Geest te laten aanraken. De vuurschaal werd aangestoken en aan de vormelingen werd gevraagd om met hun hand door het vuur te gaan. Hiervoor moet je uiteraard je angst opzij durven zetten en vertrouwen hebben. Het vuur doet ons denken aan een teken van Gods aanwezigheid, van zijn aanwezigheid in ons, van zijn Geest. Het vuur dat ons verlicht en verwarmt, maar ook het vuur dat zuivert en verbrandt wat niet met liefde en vrede en vreugde te maken heeft.  Het was niet voor iedere vormeling van zelfsprekend om de angst los te laten en door het vuur te durven gaan. Dit is een ritueel dat ook gebruikt wordt tijdens de vormselviering en dat we met de vormelingen nog zullen herhalen.

Tot slot kregen de vormelingen het askruisje aangereikt door middel van asstrooiing op het hoofd. De betekenis van het askruisje werd eerst uitgelegd, daarna kwamen de vormelingen één voor één naar voor. Ze gingen in geaarde houding staan en ontvingen het askruisje.

Met de vastenkalender in de hand stapten ze de veertigdagentijd tegemoet.